home
archief
colofon

Bijeenkomst Kop Westerdok
Datum: maandag 2 februari 2009
Tijdstip: 1930 uur tot 21.30 uur

Lokatie: Tijdelijke huisvesting Brede School, Barentszplein 14-A
Aanwezig:
Co Stor: directeur gebiedsontwikkeling Projectbureau Stedelijke Vernieuwing stadsdeel Westerpark
Lisette Tilma: communicatieadviseur, stadsdeel Westerpark
Bent van Hulst: stedenbouwkundige, stadsdeel Westerpark
Maarten Lenis: projectleider Kop Westerdok, stadsdeel Westerpark
28 deelnemers waaronder medewerkers van Centrum Opbouwwerk Westerpark en Woonstichting Eigen Haard.
Verslag: Esther Oosterling (Verslagbureau Stan Verschuuren)

Co Stor, directeur gebiedsontwikkeling, verwelkomt de aanwezigen en legt uit wat de aanleiding is van deze bijeenkomst. Op 8 september 2008 hebben bewoners deelgenomen aan een informatieavond over de ontwikkelingen van de Kop Westerdok. Tijdens deze avond hebben het Projectbureau Stedelijke Vernieuwing van Stadsdeel Westerpark en twee ondernemers een aantal ideeën gepresenteerd. Een groot aantal deelnemers aan de bijeenkomst had bedenkingen bij deze ideeën. Het projectbureau wil daarom een stap terug in het ontwikkelproces doen, en heeft de bewoners uitgenodigd voor een tweede bijeenkomst die vanavond plaatsvindt.
De stedenbouwkundige visie en de randvoorwaarden die vanuit het stadsdeel gesteld worden aan de ontwikkeling van het gebied, worden vanavond gepresenteerd. Vervolgens wordt geïnventariseerd welke randvoorwaarden de deelnemers van de bijeenkomst voorstellen. Tevens wordt geïnventariseerd wie er wil deelnemen aan een bewonersadviesgroep.

Vanuit de zaal wordt gevraagd of het oorspronkelijke plan van de baan is.
De heer Stor antwoordt dat dit zo is. Het voorgaande plan is niet meer van kracht. Er is een nieuwe start om nieuwe plannen te maken. Hij wijst erop dat de nieuwe plannen wel binnen een bepaald financieel kader moeten passen.
Men wil weten wat het financieel kader precies is waarbinnen de bewonersadviesgroep moet denken. De heer Stor antwoordt dat dit moeilijk te zeggen is omdat het afhangt van verschillende factoren. De richtlijn, de bandbreedte is in elk geval de grondexploitatie die ongeveer tien jaar geleden is vastgesteld. De nieuwe start houdt in dat de betrokkenheid van bewoners bij het ontwikkelingsontwerp zo groot mogelijk moet zijn.
De nieuwe projectleider is de heer Lenis. Hij stelt zichzelf voor en zegt dat hij hoopt op een goede samenwerking met de bewoners.
Mevrouw Van Hulst is stedenbouwkundige bij de gemeente Amsterdam. Zij geeft de presentatie over de aanleiding voor het maken van de nieuwe plannen. Ze zal ingaan op het verleden van het te ontwikkelen gebied, het heden en de toekomstvisie ervan. Na de presentatie zal er pauze zijn, daarna is er ruimte voor reacties uit de zaal.

Presentatie
Mevrouw Van Hulst legt uit wat de aanleiding is om opnieuw met de ontwikkelingsplannen te starten. Uit de reacties op de vorige plannen bleek dat er vanuit de buurt veel waarde wordt gehecht aan de historie van de buurt, met name aan de steiger die er ligt.
Ze toont een beeld van het te ontwikkelen gebied in de Zeeheldenbuurt.
Het Robinsonadeplan vormt een van de aanleidingen voor de nieuwe ontwikkelingsplannen. Dit plan is een aantal jaar geleden vastgesteld en houdt een rondje rond de Zeeheldenbuurt in, waarbij een aantal plekken in de openbare ruimte opnieuw moet worden ingericht. De tweede aanleiding voor de ontwikkeling is het verval van de meelsteiger. Ten derde is er een burgerinitiatief van een architectenbureau en ten vierde ligt er de stedelijke opgave om een ligplaats voor fluisterbootjes te realiseren.

Verleden van de buurt
Aan de hand van een aantal beelden gaat mevrouw Van Hulst in op het verleden van de plek. Een kaart uit 1866 laat zien dat hier alleen water was. Er was een zwemschool en de molen De Bok stond in deze buurt. Rond 1900 werd de Zeeheldenbuurt aangelegd met de meelfabriek en woonblokken. De bouw van de steiger stamt vermoedelijk uit 1950. Het juiste jaartal is nog niet achterhaald.

Heden
Het karakter van de plek is industrieel. Er kwam graan via de haven binnen dat hier vermalen werd. De ontwikkelingen in de buurt worden geschetst: gebouw IJside, herinrichting Barentszplein en Stenen Hoofd. Het Stenen Hoofd zal ontwikkeld worden en een openbare functie krijgen met een duidelijke relatie met het water. De school op het Barentszplein gaat weg.
Wat verder opvalt aan het Westerdok zijnde zichtlijnen richting Stenen Hoofd en het centrum van Amsterdam.
Westerdok ligt op een kruispunt van een aantal verschillende ruimtelijke elementen: het hoort bij de eilanden, bij de waterranden van het Westerdok en het heeft een relatie met de IJ-oever.
Het karakter van de buurt is verder dat het nogal verborgen is. De randen zijn vrij rommelig. De kade is niet optimaal bereikbaar vanwege de haaksgeparkeerde auto’s. Er ligt een plan dat ten uitvoer zal worden gebracht voor een autovrije kade bij de Bokkinghangen.
De steiger en de insteekhaven zorgen voor de duidelijke verwijzing naar het industriële verleden van de buurt. Het is jammer dat de steiger nu niet bereikbaar is vanwege het hek. Het water is relatief breed en leeg in vergelijking tot de rest van het Westerdok.
De kwaliteiten van deze plek zijn:
-veel ruimte
-het is duidelijk onderdeel van deze buurt
-het verwijst naar het industriële verleden.
Zwaktes zijn:
-de steiger is onbereikbaar
-de zichtlijn naar het centrum is slecht
-de sfeer is een beetje doods, het wordt niet gebruikt
-de bouwkundige staat van de steiger is niet goed.

Visie op de toekomst
Een aantal elementen zijn van belang bij de herontwikkeling van deze plek. Het is een scharnierpunt waarbij allerlei ruimtelijke structuren bij elkaar zijn gekomen. Opvallend is de ruimte die hier ervaren wordt. Het stadsdeel wil dit gevoel van een open ruimte omarmen als contrast met de nieuwbouw in de buurt, waarbij de dichtheid juist groot is.
Het stadsdeel wil de Kop Westerdok bij de openbare ruimte betrekken en het voor iedereen toegankelijk maken. De Robinsonade voegt iets toe aan dit bijzondere stukje stad. Het is een wandelroute voor de buurt en het kan een goede verbinding tussen de Zeeheldenbuurt en het Stenen Hoofd worden. Mevrouw Van Hulst benadrukt dat het projectteam, net als de buurtbewoners, de historie ook enorm waardeert. Het stadsdeel wil de Kop als verwijzing naar het industrieel verleden behouden en de Insteekhaven herkenbaar houden.
De onderdelen die in het ontwikkelingsprogramma terug moeten komen zijn op dit moment de volgende:
-drie woonschepen
-realisatie van de ligplaats voor fluisterbootjes
-Robinsonade
-Meelsteiger
-invulling randvoorwaarden door bewonersgroep
-de andere randvoorwaarden zijn de financiële kaders.

Vragen van bewoners
Mevrouw Van Ree vraagt wanneer het Robinsonadeplan is vastgesteld.
Mevrouw Van Hulst antwoordt dat ze dit opzoekt.
Mevrouw Van Ree vindt het vreemd dat dit weer terug in het plan is. Dit was een onderdeel uit het oude plan dat van de baan is. Hoe zit dat?
De heer Lenis legt uit dat het oude plan als geheel inderdaad van de baan is, maar dat er wel elementen uitgehaald zijn die nu terugkomen. Het idee van de Robinsonade, het rondje rond het eiland, blijft overeind.
De heer Blauw vraagt opheldering over de opmerking over de rommeligheid. Wordt hiermee de natuur of de architectuur bedoeld?
Mevrouw Van Hulst legt uit dat de randen rommelig zijn. Er is een hoeveelheid aan objecten. Een aantal dingen zijn in de loop der tijd een optelsom van zaken geworden. De haaksgeparkeerde auto’s, de kastjes en de haag die er staan zorgen er bijvoorbeeld in totaliteit voor dat de sfeer die men ervaart rommelig is langs de randen. Maar rommelig is niet per se negatief. Daar dient over nagedacht te worden bij de herontwikkeling.
Mevrouw Van Marle ziet de optelsom niet. Ze heeft het gevoel dat er nu dingen, zoals een haag, weg moeten en dat het gebied kaal wordt.
Mevrouw Van Hulst zegt dat de bomen niet op voorhand weg hoeven.
Mevrouw Van Marle vindt een troosteloze kale muur niet mooi. Ze is van mening dat een klein beetje rommelig juist karakteristiek is voor deze plek. Ze vindt het woord ‘rommelig’ niet het juiste woord. Ze raadt aan dit woord als uitgangspunt niet te gebruiken.
Mevrouw Van Hulst benadrukt dat er veel oplossingen zijn om de buurt te verbeteren en dat daarom gekozen is voor de driepuntenvisie; de plek open maken, verwijzing naar het verleden versterken en de toegankelijkheid van de plek rondom de steiger vergroten. Hiermee gaat het team verder.
De heer Van Rossum vraagt wie het team precies is.
Mevrouw Van Hulst legt uit dat het team van stedenbouwkundigen bij het stadsdeel in totaal bestaat uit zes personen. Zij werkt met Stefanie Klein aan dit plan.
Mevrouw Daru vraagt hoe het zit met de toegankelijkheid van het gebied van de steiger. Waar wordt de opening gemaakt?
Mevrouw Van Hulst antwoordt dat daar nog naar wordt gekeken. Er zijn veel mogelijkheden. Dit soort randvoorwaarden is een voorbeeld van waarover de bewonersadviesgroep kan discussiëren.
Mevrouw Daru wil weten in hoeverre stadsdeel Centrum betrokken is bi] de ontwikkelingsplannen, aangezien het water niet ophoudt bij de grens van stadsdeel Westerpark.
De heer Lenis vertelt dat er een opgave ligt vanuit de centrale stad om de ligplaats van de fluisterbootjes die nu in het Centrum liggen, op de Kop Westerdok te realiseren. Het is een DB-besluit van het stadsdeel Westerpark.
De heer Ruijzendaal interrumpeert. Hij heeft gehoord dat de eigenaar van de jachthaven dit zelf niet ziet zitten vanwege de kosten.
Mevrouw Van Marle begrijpt niet dat dit plan doorgaat. Het zou toch van tafel zijn? Ze vindt het vreemd dat gedaan wordt alsof het nu gaat om een nieuwe start, terwijl twee van de vier oorspronkelijke plannen gewoon nog vaststaan. Zij wist hier niets van.
De heer Lenis zegt dat hij ervan uit is gegaan dat dit gegeven bekend was bij de bewoners.
De heer Stor merkt op dat over de ligplaats voor fluisterbootjes een DB-besluit is genomen.
De heer Lenis meldt dat hij ervan uit is gegaan dat de bewoners het vooral niet eens waren met het plan van een architectenbureau dat zich wilde vestigen op de meelsteiger.
Mevrouw Van Marle zegt dat dit niet waar is.
De heer Blauw vraagt of het stedenbouwkundig team de kaders kan aangeven waarbinnen de discussie over de plannen Kop Westerdok gevoerd kan worden.
De heer Stor antwoordt dat hij er ook van uitging dat iedereen op de hoogte was van de realisatie van de ligplaats voor fluisterbootjes. Bovendien heeft hij van geluiden uit de buurt begrepen dat de Robinsonade er moet komen. Tijdens de voorbereiding van deze avond is hij daarvan uitgegaan.
Mevrouw Tilma wijst op de andere randvoorwaarden waar nog over te praten valt en vraagt de bewoners hierop in te gaan. Het team heeft zich niet gerealiseerd dat de randvoorwaarde over de fluisterbootjes voor de gemeente al een vaststaand feit was, terwijl dit niet duidelijk was voor de bewoners. De intentie blijft dezelfde: samen kijken naar het plan en discussiëren over de andere randvoorwaarden.
De heer Blauw wil eerst het DB-besluit zien. Hij vindt het zinloos om nu verder te praten.
Mevrouw Van Marle vindt het ook zinloos om vanavond verder te praten nu blijkt dat er al een aantal plannen vaststaat.
De heer Stor stelt voor om het besluit de kopiëren en het mee te sturen met de notulen.
Mevrouw Daru merkt op dat er een spanning ligt tussen de visie en de werkwijze waarop het ingevoerd wordt vanuit de politiek. Deze spanning moet eraf alvorens er verder gepraat kan worden.
Mevrouw Van Hulst reageert. Op het moment dat er plannen komen zal er gekeken worden waar het spanningsveld is. Ze wil niet bij voorbaat alles al uitsluiten.
Mevrouw Van Marle heeft een opmerking over de ligplaats voor fluistertoontjes. Het woord ‘fluisterbootjes’ klinkt lief, maar er komt veel bij kijken. De ligplaats zal een groot deel van de openbare ruimte in beslag nemen.
De heer Van Ruijzendaal vindt een ligplaats op zich niet erg, maar het gaat hem om het principe: met deze vaststaande randvoorwaarde is het geen open discussie meer.
Mevrouw Van Hulst zegt dat het in geen geval de intentie is geweest om de bewoners op het verkeerde been te zetten. Dit ïs een stedelijke opgave. Helaas is het nu pas bekend geworden bij de bewoners. Ze zal proberen om het DB-besluit boven tafel te halen.
De heer Ruijzendaal vat samen wat het team volgens hem wil: praten met de bewoners over de inrichting van het Westerdok, waarbij het stadsdeel en een groot deel van de buurt positief is over de Robinsonade. En dat er hoe dan ook een ligplaats moet komen omdat het een DB-besluit is.
De heer Van Rooyen vraagt waarom de insteekhaven herkenbaar moet blijven.
Mevrouw Van Hulst wijst op het historische en karakteristieke karakter.
Mevrouw Daru vraagt of er gesproken is met Beheer Binnenwater.
Mevrouw Van Hulst antwoordt dat dat nog moet gebeuren alhoewel dat in het verleden wel al gebeurd is.
Mevrouw Kraai merkt op dat het open karakter van de buurt erg belangrijk is. Die ruimte moet er blijven om de zichtlijnen vast te houden en de grote lijnen in de gaten te houden. Wat betreft die steiger zegt ze dat niemand die ‘berg beton’ wil.
Mevrouw Van Marle heeft een opmerking over het financiële kader. Ze denkt dat het niet veel hoeft te kosten als alles ‘volgeplempt’ wordt voor de invulling van de meelsteiger. Het kost maximaal €40.000 om de steiger te behouden als het simpel wordt gehouden. Ze pleit ervoor om te denken vanuit de bereikbaarheid vanuit het water.
De heer Blauw merkt op dat havens er niet zijn om naar te kijken maar om te gebruiken.
De heer Van Ruijzendaal vraagt in hoeverre er contact is met andere projectgroepen, zoals die zich met de riolering Zoutkeetsgracht bezighouden.
Mevrouw Van Hulst antwoordt dat er contact is met die projectgroepen en dat er rekening wordt gehouden met de planning.
Mevrouw Daru vraagt of er contact is met stadsdeel Centrum.
Mevrouw Van Hulst zegt dat er contact is met dit stadsdeel op allerlei gebieden.
De heer Blauw vraagt of er vanavond verder wordt gepraat of niet, nu blijkt dat er al bepaalde randvoorwaarden vaststaan.
De heer Lenis legt uit dat het hoofddoel van de avond is om samen over de uitgangspunten van de ontwikkelingsplannen te praten. Er hoeft nog geen besluit te worden genomen vanavond.
Mevrouw Van Marle merkt op dat de uitgangspunten waarover gepraat kan worden niet duidelijk zijn.
Mevrouw Tilma legt uit dat het idee achter de bijeenkomst van vanavond was om de visie van de gemeente te presenteren, wat de randvoorwaarden zijn en vervolgens te horen wat de randvoorwaarden van de bewoners zijn. Het doel was niet om tot een plan te komen, maar om de mening van de bewoners op de visie te horen en welke randvoorwaarden zij willen formuleren.
De heer Stor merkt op dat er maar een ding vaststaat: de ligplaats van de fluiterbootjes. De andere dingen zijn bespreekbaar, zoals bijvoorbeeld de Robinsonade. Met de bewonerswerkgroep hoopt hij daarover te kunnen debatteren. Hij belooft het DB-besluit over de fluisterbootjes te kopiëren en op te sturen. En als de Robinsonade ter discussie staat, zal hij het punt opnemen met het DB.
De heer Rens vraagt of het DB-besluit nog teruggedraaid kan worden.
De heer Stor merkt op dat in het inderdaad in het ergste geval terug kan naar de raad, maar hij wijst op het doel van de avond, namelijk brainstormen. Als de Robinsonade en de fluisterbootjes een issue is voor bewoners, zal hij ermee teruggaan naar het DB.
De heer Lenis heeft in de stukken het DB-besluit gevonden en leest een deel van het stuk voor. Hier het stuk citeren. Het stamt uit 2005.
De heer Van Ruijzendaal vindt het erg vreemd dat bewoners hier niet van de op de hoogte zijn gebracht.
De heer Stor stelt voor om pauze te houden.

Pauze; 20.55 uur- 21.05 uur.

De heer Stor meldt dat hij de communicatiefout over de fluisterbootjes met het DB zal bespreken. Hij hoopt vanavond een projectgroep met bewoners te kunnen samenstellen, die de uitgangspunten, zoals vanavond zijn gepresenteerd, verder uitwerkt tot een plan. De groep zal een of meer keren bij elkaar komen om het uiteindelijke adviesplan aan het DB van Westerpark en de buurt te presenteren.
De heer Ruijzendaal vraagt of de kans bestaat dat het DB het niet overneemt.
De heer Stor antwoordt dat dat in principe mogelijk is. Maar hij wijst op het feit dat er waarde gehecht wordt aan het adviesplan van de bewonersgroep. Daarom wordt deze bijeenkomst gehouden en naar de mening van buurtbewoners gevraagd.
De heer Van Haastere wil terugkomen op wat er aan het begin van deze bijeenkomst werd gezegd. Alle voorgaande plannen zouden niet meer aan de orde zijn en het zou om een nieuwe start gaan om plannen te formuleren. In het Stedenbouwkundig Programma van Eisen Kop Westerdok dat in 2007 door de raad is aangenomen, nadat het door het DB was geformuleerd, stonden deze elementen als randvoorwaarden: de architect, de fluisterbootjes en de Robinsonade. Alles zou van tafel zijn, maar dat blijkt nu niet het geval te zijn. Hij wil weten of de bewonersgroep het Programma van Eisen dat in 2007 door de raad is aangenomen zal aanpassen of dat er een heel nieuw Programma van Eisen aan het DB wordt voorgesteld.
De heer Stor antwoordt dat de mening van de bewoners erin wordt meegenomen. Uit de bijeenkomst van september jl. bleek dat de buurt het er niet mee eens was. Daarom wordt de buurt nu om een advies gevraagd.
De heer Van Haastere concludeert dat het stuk uit 2007 dus door de bewonersgroep zal worden geherformuleerd.
De heer Stor zegt dat dat klopt.
De heer Ruis vraagt of er ook deskundigen uitgenodigd kunnen worden tijdens de bijeenkomst van de werkgroep.
De heer Stor wil daarover nadenken. Hij bekijkt de vraag op het moment wanneer het speelt.
De heer Ace vraagt of er een mogelijkheid bestaat om het besluit juridisch te blokkeren.
De heer Stor legt uit dat het een politiek besluit is. De werkgroep brengt een advies uit aan het DB, dat het weer aan de raad zal voorleggen.
Hij vraagt wie er interesse heeft om zich aan te melden voor de projectgroep. Hij hoopt dat er volop debat zal zijn in de werkgroep.
Geïnteresseerden melden zich bij mevrouw Tilma. Per post of mail worden de deelnemers op de hoogte gehouden.
De heer Ruis vraagt wanneer de eerste bijeenkomst plaatsvindt.
De heer Lenis antwoordt dat dit over drie weken op zijn vroegst zal zijn. Hij legt nogmaals uit dat tijdens de bijeenkomst de randvoorwaarden besproken zullen worden en er vervolgens een presentatie aan de bewoners zal plaatsvinden over de bevindingen.
Een aantal bewoners meldt zich bij mevrouw Tilma.

Einde 21.25 uur.

 
home
archief
colofon